WIJZIGING WATERSCHAPSWET
's-Hertogenbosch, 6 september 2008

Behalve de wijziging van de waterschapswet, geduid als  de wet  modernisering waterschapsbestel, een organieke wet, waar ik het zo over ga hebben, wordt ook de nationale waterbeheerswetgeving op dit moment grondig herzien.
Het ziet ernaar uit dat wij over niet al te lange tijd zullen beschikken over een integrale waterwet plus Waterbesluit (wetgevingstraject verkeert in de laatste fase) waarin een achttal Waterbeheerwetten met zes vergunningenstelsels geheel of gedeeltelijk worden geïntegreerd met één vergunningensysteem. Mooi voorbeeld van deregulering.

Water had al vroeg de aandacht van de wetgever. Dit vindt zijn oorzaak waarschijnlijk in de vele kwetsbare - vaak tegenstrijdige - functies van water. Water staat immers sinds jaar en dag voor:

 - drinkwatervoorziening
 - voedselvoorziening
 - afvoer van afvalstoffen
 - irrigatie
 - verwarming
 - koeling
 - natuurontwikkeling
 - recreatie
 - transport.

De Wet verontreiniging oppervlaktewateren uit 1969 introduceerde al de lozingsvergunning die aan de basis heeft gestaan van diverse spraakmakende kwesties.

Ik noem: de Uniser-affaire tussen 1970 en 1980 naar aanleiding van illegale lozingen van schadelijke vloeibare afvalstoffen op onder meer de Hollandse IJssel alsmede de TCR-affaire die medio jaren '90 haar hoogtepunt bereikte met de veroordeling van eigenaren en medewerkers van TCR tot gevangenisstraffen voor het illegaal lozen van afvalwater op het oppervlaktewater.

Het nut van een wettelijk kader ter bescherming van de bodem en lucht bleek pas later. Naar aanleiding van de bodemvervuiling in Lekkerkerk in 1983 ontstond de Interimwet bodemsanering en het Besluit luchtkwaliteit dateert pas van 2001.

Water staat ook voor gevaar. De wetgeving die de mens moet beschermen dateert al vanaf het midden vorige eeuw (Deltawet 1958). Het realiseren van een veilige leefomgeving in een laag gelegen waterrijk land als het onze wordt met de klimaatverandering alleen maar lastiger.


De Waterwet heeft een integraal karakter hetgeen blijkt uit de doelstelling: 'Voorkomen en waar nodig beperken van overstromingen, wateroverlast en waterschaarste in samenhang met bescherming en verbetering van de chemische en ecologische kwaliteiten van watersystemen en vervulling van maatschappelijke functies door die watersystemen.'

Deze nieuwe Waterwet is tevens de opmaat voor een goede uitvoering van de Europese Kaderrichtlijn Water (KWR). De komende één à twee decennia staan in het teken van de opgave in het kader van de veiligheid en implementatie van de Europese Kaderrichtlijn Water. De daarin genoemde milieudoelstellingen moeten in 2021 (eenmaal te verlengen tot 2027) in Europa zijn bereikt.

Met de aanpassing van de Waterschapswet ( modernisering waterschapsbestel)  worden de Waterschappen in staat gesteld adequaat uitvoering te geven aan de wateropgave voor de komende jaren. Dat brengt mij dan nu bij de organisatie van het waterbeheer.

Het Rijk is waterbeheerder voor de rijkswateren, de waterschappen worden bij Provinciale verordening aangewezen als waterbeheerder voor de regionale wateren (dus gemeenten en provincies zijn geen waterbeheerder). De provincies hebben wel andere bevoegdheden: regionale waterplannen, toezicht op waterschappen en vergunningen voor grotere wateronttrekkingen.

Ook de gemeenten hebben bepaalde bevoegdheden: doelmatige inzameling en verwerking van afvloeiend hemelwater, alsmede voorkomen of beperken van structurele nadelige gevolgen voor de grondwaterstand door aan de grond te geven bestemming.

De waterschappen hebben in de afgelopen decennia een sterke ontwikkeling doorgemaakt. De 2500 waterschappen zijn rond 1950 opgegaan in 26 all-in waterschappen van nu. Door de Wet modernisering waterschapsbestel (deze wijziging is geïntegreerd in de Waterschapswet) krijgen de waterschappen in januari 2008 een wettelijk kader dat hen stimuleert een verdere ontwikkeling door te maken.

De doelstellingen van de wijziging van de Waterschapswet zijn versterking van de democratische legitimatie, vergroting van transparantie en vereenvoudiging.

De Wet modernisering waterschapsbestel leidt tot diverse veranderingen, nl:
a. samenstelling van het waterschapsbestuur.
b. manier van verkiezen.
c. het invulling geven aan transparantie en verantwoording.
d. het belastingstelsel.

Alvorens dit nader toe te lichten wijs ik er ook nog op dat bij de wetswijziging ook de taak van het waterschap is verruimd, in die zin dat tot de taak behoort de zorg voor de watersystemen, bestaande uit zorg voor de waterkering (hoogte en kwaliteit van de dijken) en zorg voor de waterhuishouding (waaronder de waterkwaliteit) en als tweede hoofdtaak de zuivering van het stedelijk afvalwater.
Voorheen werd in de wet een onderscheid gemaakt tussen de zorg voor de waterkering en de waterhuishouding en kon de provincie bepalen welke taak werd toebedeeld aan het Waterschap.

ad a. Samenstelling van het waterschapsbestuur
In de huidige Waterschapswet is de omvang van het bestuur niet vastgelegd (de drie Brabantse waterschapsbesturen en het waterschap Rivierenland en Zeeuwse Eilanden bestaan uit 45 zetels). Vanwege de doelmatigheid, slagvaardigheid en uniformering is nu geregeld dat de waterschapsbesturen bestaan uit minimaal 8 en maximaal 30 leden, door de provincie te bepalen. Dit aantal is inmiddels in overleg met de waterschappen op 30 zetels bepaald.

Om te garanderen dat daadwerkelijk alle belangen in het waterschapsbestuur vertegenwoordigd zijn (en niet zoals voornamelijk agrariërs en milieuclubs) heeft de wetgever bepaald dat 7 tot 9 zetels binnen het algemeen bestuur door het provinciebestuur dienen te worden toegekend en verdeeld aan drie specifieke categorieën, de categorie ongebouwd (agrarisch), de categorie natuurterreinbeheerders en de categorie bedrijven. Deze geborgde zetels zijn inmiddels door de Provinciale Staten vastgesteld en zijn voor De Dommel 8 (3 onbebouwd agrarisch, 2 natuur en 3 bedrijven).
De  vroegere categorie eigenaren gebouwd verdwijnt als aparte bestuurscategorie. Deze worden nu vertegenwoordigd door de ingezetenen die altijd de meerderheid moeten hebben het algemeen bestuur.

ad b. De manier van verkiezen
De bestuurders namens de ingezetenen worden nu gekozen middels een lijstenstelsel (was personenstelsel). Iedere groepering met een belang bij waterbeheer kan een lijst indienen. Dat kunnen milieugroeperingen, bewonerscomités, hengelsportverenigingen, de Vereniging Eigen Huis, de ANWB, maar ook politieke partijen, regionale groeperingen en de eerder genoemde specifieke categorieën zijn (agrarisch, natuurterreinbeheerders en bedrijven).
Daarnaast zijn er twee landelijke organisaties, te weten Water Natuurlijk en de Algemene Waterschapspartij, die in vrijwel alle waterschappen meedoen.

Kennelijk bestaat er grote belangstelling voor de waterschapsverkiezingen, want in heel Nederland hebben zich in totaal 250 groeperingen laten registreren. Per waterschap doen gemiddeld 9 groeperingen mee. In het waterschap De Dommel doen 15 groeperingen en/of partijen mee, w.o. VVD, CDA, PvdA en twee speciaal opgerichte "one issue" groepen (zoals de Algemene Waterschapspartij).

Voor de specifieke categorieën geldt geen lijstenstelsel. Voor de geborgde zetels is gekozen voor benoemde bestuursleden. De categorie bedrijven worden benoemd door de Kamer van Koophandel, de eigenaren natuurterreinen door het Bosschap en de agrariërs en overige onbebouwd door ZLTO (is bepaald door de provincie).

De indiening van de kandidatenlijsten vindt uiterlijk 16 september 2008 plaats. Alle inwoners van het waterschapsgebied vanaf 18 jaar krijgen actief kiesrecht. De verkiezingen waren voorheen in tijd gespreid, nu zijn het landelijke verkiezingen voor alle waterschappen om de vier jaar in dezelfde maand, te beginnen in november 2008.

ad c. Veranderingen betreffende transparantie en verantwoording
De Wet modernisering waterschapsbestel voorziet op dit terrein in verschillende wijzigingen waarmee de positie van het algemeen bestuur kan worden versterkt. Zo kunnen de meerjarenraming en begroting naar eigen behoefte worden ingericht, de verordeningen worden beleidsinhoudelijker, een rechtmatigheidtoetsing door de accountant is verplicht etc.
Al deze veranderingen kunnen een invulling geven aan de doelstellingen van de wet: democratische legitimatie, transparantie en vereenvoudiging.

ad d. Belastingstelsel wijzigt
Wij adviseren u daarvoor de wetswijziging te bekijken.

Kieskompas
Om de kiezer inzicht te geven in de standpunten en belangen van  de deelnemende belangengroeperingen wordt momenteel een Kieskompas ontwikkeld.

Wat zijn nu de mogelijke gevolgen van de wettelijke veranderingen?
Doel van de invoering van het lijstenstelsel is om de burgers meer bij het waterschap te betrekken. Hopelijk zullen er meer mensen gaan stemmen dan de gebruikelijk 20% als er werkelijk iets te kiezen valt en dat is goed voor het democratische draagvlak.

Daarmee doet de partijpolitiek zijn intrede in de waterschapsbesturen. En dat is in beginsel een goede zaak. Want, hoewel over de veiligheid en droge voeten wel eensgezind moet worden gedacht en er natuurlijk geen VVD dijken of PvdA waterkeringen zijn, valt er toch heel veel te beslissen waar men verschillend over kan denken. Steekt men bijvoorbeeld de nek uit wat de ecologische doelstellingen van de Kaderrichtlijn Water betreft of mikt men op 2027? Geeft men prioriteit aan de verdrogingbestrijding? Partijpolitiek kan van belang zijn bij de kosten/baten-analyse en de daarmee samenhangende volgorde van investeringen in projecten etc., etc.

De wettelijke veranderingen zijn eigenlijk gelijk aan die waarmee de gemeenten en de provincies enkele jaren geleden te maken hebben gekregen en die als doel hadden het hoogste gekozen bestuursorgaan een sterkere rol te geven bij de kaderstelling, controle, vertegenwoordiging en verantwoording. Kortom de verhoudingen worden meer dualistisch.

Geachte lezer, dat water en het waterbeheer belangrijke issues zijn moge blijken uit de considerans van de Kaderrichtlijn water, waarin de allereerste overweging luidt: "Water is geen gewone handelswaar, maar een erfgoed dat als zodanig beschermd, verdedigd en behandeld moet worden".

Tot slot en te uwer informatie: de verkiezingen zijn 13 t/m/25 november a.s.!

Mieke Geeraedts
VVD-Fractievoorzitter Prov. Staten
Tel.: 073-6812812
Stuur me een mail